Rechters en regering botsen opnieuw over geheim rapport Ceuta, terwijl PSOE eigen verhaal niet meer gelooft

door Else BeekmanElse Beekman
premier Sánchez legt verantwoording af in het parlement over Ceuta

Een nieuw hoofdstuk in de Ceuta-crisis is aangebroken voor Spanje. Deze week ontstond er een felle ruzie tussen justitie en de regering over een politierapport dat gesloten bleef voor minister van Binnenlandse Zaken Fernando Grande-Marlaska. Tegelijkertijd trok Ceuta zelf fel van leer tegen premier Pedro Sánchez, en groeit binnen zijn eigen PSOE het gevoel dat het officiële verhaal over de crisis niet meer overeind blijft.

Het gaat om een onderzoek van het Nationaal Centrum voor Immigratie en Grenzen (CENIF), een onderdeel van de Spaanse Nationale Politie. De hoogste Spaanse rechtbank tekende op 31 juli een opdracht aan de politie om uit te zoeken of de massale grensoversteek van 30 en 31 juli in Ceuta een spontane gebeurtenis was, of juist een gecoördineerde actie. De politie ontving die opdracht drie dagen later, op 3 augustus.

Tien dagen na de ondertekening, op 10 augustus, belde de rechter de betrokken politiechefs op en vroeg hun telefonisch om “maximale terughoudendheid” over wat ze zouden ontdekken. Die oproep verliep via de luidspreker, met meerdere agenten erbij. Pas nadat het rapport eind augustus af was en vervolgens naar de pers was gelekt, gaf de rechter alsnog toestemming om de inhoud met de top van de politie te delen.

Het gevolg: politiedirecteur Francisco Pardo-Piqueras wist officieel niets van de inhoud, tot journalisten van El Español het rapport lekten. Daarin staat dat de instroom naar Ceuta geen toeval was, maar dat migratie diende als “formele dekmantel” voor een bewust gestuurde massale toestroom, met een actieve rol voor Marokkaanse veiligheidstroepen.

Marlaska boos, rechters sluiten de gelederen

Minister Marlaska voelde zich buitenspel gezet en stuurde daarover een klacht naar de CGPJ, de raad die over de rechterlijke macht waakt. Volgens Marlaska is het onbegrijpelijk dat relevante informatie voor het beheer van zo’n grote crisis werd achtergehouden voor zijn ministerie.

De reactie van justitie was eensgezind. CGPJ-voorzitter Isabel Perelló riep op tot “maximaal respect” voor het werk van Tardón. Ook de Audiencia Nacional zelf sprong voor haar in de bres. In een brief, ondertekend door alle negen bestuursleden, kreeg de rechter “volledige steun”, met de boodschap dat ze juist het algemeen belang van Spanje verdedigt. Euronews meldt dat Marlaska in zijn brief benadrukte dat hij de rechterlijke onafhankelijkheid respecteert, maar vindt dat geheimhouding niet in de weg mag staan van goed crisismanagement.

Juristen wijzen erop dat de wet op de gerechtelijke politie rechters inderdaad de ruimte geeft om onderzoeksteams tot zwijgen te manen. Binnen het ministerie wordt intussen ook gesuggereerd dat politiedirecteur Pardo zelf bewust informatie heeft achtergehouden om Marlaska in een kwaad daglicht te stellen, meldt Vozpópuli. Hard bewijs daarvoor ontbreekt vooralsnog en Pardo zelf ontkent dat hij eerder op de hoogte was.

Ceuta valt Sánchez publiekelijk af

Terwijl het rapport de gemoederen in Madrid flink bezig houdt, klonk er deze week ook felle kritiek uit Ceuta zelf. Tijdens een gesloten vergadering van de Consejo de Política Fiscal y Financiera nam de Ceutaanse minister van Financiën, Kissy Chandiramani, het woord tegenover minister Arcadi España en crisiscoördinator Ángel Víctor Torres.

Een dag eerder zei premier Sánchez nog in het Congres dat er geen serieuze waarschuwingen vanuit het lokale bestuur van Ceuta waren geweest. Chandiramani sprak dat tegen. Volgens haar trok de regio al op 27 juli aan de bel bij Madrid, met een verzoek om de noodtoestand uit te roepen, de grens te sluiten en extra mensen en middelen te sturen. Het antwoord dat ze kreeg: “niet alarmeren, dit gebeurt elke zomer.” Op 29 juli kreeg ze exact hetzelfde te horen.

Ze richtte scherpe vragen aan de aanwezige ministers: wie besloot om de grens 48 uur open te houden, en waarom greep de Marokkaanse politie niet eerder in? Ook verweet ze de regering dat Ceuta te weinig financiële steun kreeg, en dat medewerkers uit Ceuta zelfs zijn weggezet als racistisch en overdreven toen ze aan de bel trokken.

Ook binnen de PSOE groeit de twijfel

De onvrede blijft niet beperkt tot Ceuta. Binnen de regeringspartij PSOE zelf groeit het ongemak over hoe de crisis wordt uitgelegd. Na de zes uur durende verantwoording van Sánchez in het Congres, spraken partijgenoten achter gesloten deuren hun teleurstelling uit dat de premier er niet in slaagde een geloofwaardiger verhaal neer te zetten.

“Het verhaal werkt niet, zelfs veel van onze eigen mensen geloven het niet meer,” klinkt het onder Kamerleden. Vooral pijnlijk: Sánchez zei in het Congres dat de gebeurtenissen “onvoorspelbaar” waren en dat nog moet blijken of het allemaal gepland was. Dat terwijl het CENIF-rapport juist concludeert dat de instroom weloverwogen werd georganiseerd met daarin een actieve rol voor Marokkaanse veiligheidstroepen. Die tegenstelling wordt binnen de partij gezien als een risico dat de premier zich verder in de nesten kan werken.

Een maand na de massale grensoversteek is er nog altijd geen eenduidig verhaal, en dat maakt het voor iedereen, van Ceutaanse bestuurders tot Kamerleden in Madrid, steeds lastiger om nog vertrouwen te hebben in de uitleg vanuit Moncloa.