Kerst in Spanje was tussen de zestiende en achttiende eeuw volop in ontwikkeling. Van religieuze rituelen tot uitbundige vieringen: het feest bracht mensen samen. Veel van onze huidige kersttradities vinden hier hun oorsprong.
Het feest draaide om religie, familie, eten en plezier. Tussen ongeveer 1500 en 1700, toen Spanje een wereldmacht was, waren de tradities het meest zichtbaar.
De zestiende eeuw: religie en gemeenschap centraal

In de zestiende eeuw, tijdens de regering van Karel V en later Filips II, kreeg kerst een religieuze vorm. De katholieke kerk bepaalde het ritme van het leven. Kerst hoorde bij de belangrijkste feesten van het jaar. De periode was een onderbreking van het gewone leven. Vanaf kerstavond, 24 december, kwamen families samen. Ze gingen naar de nachtmis en zongen kerstliederen. Ook voerden ze eenvoudige toneelstukken op die het verhaal van de geboorte van Jezus vertelden. Dat gebeurde op pleinen, in kerken of bij mensen thuis. En hoewel veel mensen het hele jaar sober leefden, stond de kerstperiode bekend om de overvloedige maaltijden. Delen stond daarbij centraal. Buren en familieleden aten samen, wat de onderlinge band versterkte.
De zeventiende eeuw: uitbundige feesten en cultuur
In de zeventiende eeuw was de kerstviering het meest uitbundig. De feestperiode duurde vaak tot Driekoningen. Het was de tijd van de Spaanse Gouden Eeuw vol kunst, literatuur en muziek. Schrijvers als Lope de Vega, Góngora en Quevedo schreven speciale teksten voor deze tijd van het jaar. Mensen lazen elkaar gedichten voor en zongen liederen. Ook bezochten ze toneelvoorstellingen die speciaal voor kerst waren gemaakt. Theater was populair bij alle lagen van de bevolking, niet alleen bij de elite.
In deze eeuw ontstonden of verspreidden zich tradities zoals het ronde feestbrood dat later bekend zou worden als de roscón de reyes. Vleesgerechten, vooral gevogelte, verschenen vaker op tafel dan tijdens gewone dagen en zoetigheden kregen een vaste plek. De sfeer tijdens kerst was niet alleen maar vrolijk. Religie bleef belangrijk. Kerkdiensten, processies en kerststallen maakten deel uit van het dagelijkse leven in deze periode.
De achttiende eeuw: orde, hofcultuur en traditie
In de achttiende eeuw veranderde Spanje langzaam. Het rijk verloor zijn macht, en de kerstviering veranderde. De manier van vieren werd iets georganiseerder, vooral aan het hof en in grote steden. Een aantal tradities bleef wel bestaan. Tijdens de regering van koning Carlos III kreeg de kerststal een meer vaste en officiële vorm. Hoewel kerststallen al sinds de zestiende eeuw bestonden, zorgde deze koning ervoor dat ze populair werden onder bredere lagen van de bevolking. Mensen bouwden uitgebreide taferelen. De kerststal werd een vast onderdeel van het huis, net zoals later de kerstboom dat zou worden. Ook in deze eeuw bleef kerst een moment van samenkomen, eten en bezinning, zowel in Spanje als in de overzeese gebieden.
Wat deze eeuwen met elkaar verbindt
De essentie van kerst was hetzelfde in deze drie eeuwen. Mensen zochten elkaar op, dachten even niet aan hun dagelijkse zorgen en richtten zich op geloof, gemeenschap en plezier. Veel tradities die nu nog bestaan, vinden hun oorsprong in deze eeuwen. Het samen eten, zingen en vieren stamt rechtstreeks uit deze tijd. Kerst in het Spaanse Rijk was meer dan alleen een religieus feest. Het was ook een sociale en culturele gebeurtenis die het leven kleur gaf.