Woede in Aragón over bosbranden: “Dit was te voorkomen”

door Else BeekmanElse Beekman
protest in Jaca, Aragón tegen de bosbranden

Duizenden mensen liepen zaterdag door de straten van Jaca in Aragón. Ze zijn boos op de regionale regering, die volgens hen faalde in de aanpak van de bosbranden van deze zomer. De organisatoren tellen zo’n zesduizend deelnemers. De mars was ook een steunbetuiging aan de bosbrandweer, die al sinds 18 augustus staakt.

Pirineo Digno, zoals de actiegroep zich noemt, riep op tot de protestmars na de zware brand bij Las Peñas de Riglos. Die brand joeg begin deze maand zo’n duizend mensen uit negentien dorpen hun huis uit en verwoestte duizenden hectaren land. De actiegroep windt er geen doekjes om: dit was geen noodlot, maar het gevolg van jarenlang wegkijken. “Een ramp die te voorkomen en te voorzien was,” klinkt het. Met daarbij de beschuldiging dat delen van het platteland gewoon aan hun lot zijn overgelaten.

De cijfers over heel Aragón zijn hard: ruim 44.000 hectare ging dit jaar in vlammen op, het slechtste seizoen sinds er tellingen bestaan.

“Azcón en Nolasco, treed af”

Op de spandoeken en in de speeches klonk vooral één eis: dat regeringsleider Jorge Azcón, vicepresident Alejandro Nolasco en consejero Luis Biendicho opstappen. De demonstranten willen een bestuur dat het platteland en de mensen die er wonen serieus neemt, niet pas als het al brandt.

Want daar zit hem de kneep, zeggen ze. Door leegloop en het verdwijnen van begrazing groeit het bos in de bergen ongecontroleerd door. Combineer dat met de hitte van de klimaatverandering, en je krijgt precies dit soort zomers. “Branden worden in de winter geblust,” was een veelgehoorde leus tijdens de mars. Deze uitspraak is een pleidooi om bossen al vóór het broeierige seizoen op te schonen in plaats van pas in actie te komen als het vuur er al is.

De bosbrandweer staat er niet alleen voor

Behalve kritiek op de politiek stond ook de staking van de bosbrandweer centraal. Die mensen werken volgens henzelf “op hun tandvlees”: diensten van twintig uur, basissen zonder stromend water of stroom. Ze willen genoeg geld, meer collega’s, fatsoenlijk materieel en betere arbeidsvoorwaarden. Simpel gezegd: uitrusting die bij deze tijd past, niet bij dertig jaar geleden.

Er klonk ook kritiek op de toekomst van het toerisme in de Pyreneeën, onder de leus “de Pyreneeën zijn niet te koop”. Concreet gaat het om verzet tegen de geplande skiverbinding tussen Astún en Formigal via de Canal Roya, een kabelbaan tussen Benasque en Cerler, en een glijbaanproject in Panticosa.