De Spaanse premier Pedro Sánchez heeft vrijdag in Brussel geprobeerd geruchten over vervroegde verkiezingen de kop in te drukken. Volgens hem dient de regering in 2026 gewoon een nieuwe staatsbegroting in en gaan de Spanjaarden pas in 2027 naar de stembus.
“Zoals ik altijd heb gezegd: ook wanneer rechts niet regeert, duurt een legislatuur vier jaar”, zei Sánchez tijdens de Europese top in Brussel. Daar spraken regeringsleiders onder meer over de nieuwe Europese begroting voor 2028-2034. Hij reageerde daarmee op de ophef van een dag eerder na uitspraken over de begroting. Toen zei hij dat de regering met de fracties zal onderhandelen en pas beslissingen neemt als bepaalde scenario’s zich daadwerkelijk voordoen.
Die woorden werden meteen uitgelegd als een opening naar vervroegde verkiezingen. Vrijdag zette Sánchez die interpretatie recht. Hij voegde eraan toe dat de landelijke verkiezingen en de gemeenteraadsverkiezingen niet tegelijk zullen plaatsvinden.
Druk op de begroting
De begroting ligt politiek erg gevoelig. Sánchez regeert met een kwetsbare meerderheid en is afhankelijk van steun van verschillende partijen in het parlement. Als de begroting opnieuw wordt afgewezen, zal dat de druk op de regering flink opvoeren.
Toch wil de premier niets weten van verkiezingen eerder dan in 2027. Volgens bronnen rond de regering ligt een eventuele vervroeging dit jaar niet op tafel. Sánchez maakte er zelfs een grap over richting de aanwezige journalisten: de hele discussie was volgens hem vooral ontstaan doordat hij had gereageerd op hypothetische vragen.
Vragen over juwelen van Zapatero
Sánchez kreeg in Brussel ook vragen over de affaire rond José Luis Rodríguez Zapatero. Bij de oud-premier zijn kostbare juwelen gevonden die hij tijdens zijn periode als regeringsleider als geschenk zou hebben ontvangen. De vraag is nu of hij die moet teruggeven.
Volgens Sánchez moet Zapatero zelf daarover beslissen. Wel nam hij de voormalige premier in bescherming. Staatshoofden en regeringsleiders ontvangen tijdens officiële reizen vaker geschenken, zei hij, en soms weten zij pas bij terugkeer in Madrid precies wat hun is overhandigd.
Sánchez wees erop dat er in 2007 nog andere regels golden dan nu. Hij benadrukte daarbij dat Zapatero juist degene was die een kader voor goed bestuur op gang bracht om dit soort situaties beter te regelen. Strikt genomen kwam de huidige Spaanse wet op goed bestuur pas in 2013 tot stand, onder premier Mariano Rajoy. Onder Zapatero werd wel eerder een gedragscode ingevoerd waarin werd vastgelegd hoe met officiële geschenken moest worden omgegaan.