Spaanse overheid int meeste belastingen bij werknemers

door Else BeekmanElse Beekman
Gepubliceerd: Laatst gewijzigd
Spaanse overheid int meeste belastingen bij werknemers

Maar liefst 61,3% van de totale inkomsten van de Spaanse overheid is afkomstig uit de persoonlijke inkomstenbelasting (IRPF) en sociale zekerheidspremies. Dit is 10,9% meer dan het OESO-gemiddelde dat bij 50,4% ligt.

Groot aandeel sociale zekerheidspremies

Volgens de OESO halen de landen gemiddeld 24% van hun inkomsten uit de inkomstenbelasting. In Spanje is dat 23,8%. De Spaanse belastingwig – de optelsom van de IPRF en de sociale zekerheidspremies – schiet echter omhoog door het aandeel van de sociale zekerheidspremies (37,5%). Dit terwijl het OESO-gemiddelde 26,4% bedraagt.

Inkomen en arbeid zwaarder belast

Het grootste deel van de belastinginkomsten in de OESO-landen (32,1% van het totaal) komt uit de belastingen op consumptiegoederen, zoals de btw. In Spanje daarentegen bedragen de inkomsten uit de btw niet meer dan 26,7% van de totale overheidsinkomsten. Hieruit blijkt dat het Spaanse belastingstelsel inkomen en arbeid zwaarder belast dan consumptie en bezittingen.

“Inkomstenbelasting kan meer economische schade veroorzaken dan belastingen op consumptie en bezittingen”, zegt Daniel Bunn, vicepresident van de Tax Foundation. Deze Amerikaanse organisatie doet elk jaar onderzoek naar de fiscaal meest competitieve landen in de OESO.

Anders dan in Spanje leunen de OESO-landen over het algemeen het meest op inkomsten uit belastingen op consumptie. Daarna hebben de inkomsten uit sociale zekerheidspremies en de IRPF het grootste aandeel. Opbrengsten uit vennootschapsbelasting en vermogensbelasting nemen een kleiner aandeel in, respectievelijk 9,2% en 5,6%.

In vergelijking met 1990 zijn de OESO-landen gemiddeld afhankelijker geworden van de sociale zekerheidspremies – een stijging van 3,1% – en minder afhankelijk van de IRPF – een daling van 6% -. “Deze beleidswijzigingen zijn belangrijk”, zegt Daniel Bunn. “Sociale zekerheidspremies hebben over het algemeen een bredere basis en lagere tarieven. De IRPF heeft vaak hogere belastingtarieven. Dit kan de beslissingen van werknemers meer verstoren”, voegt hij eraan toe.

Herstel na pandemie

Ondanks een algemene daling van de vennootschapsbelastingtarieven wereldwijd zijn de OESO-landen afhankelijker geworden van de inkomsten uit vennootschapsbelasting. Dit komt door een verandering in de samenstelling van de leden van de OESO. Sinds 1994 hebben zich 14 landen bij de OESO aangesloten. Van deze groep ontvangen Colombia, Mexico en Chili meer dan 20% van hun inkomsten uit vennootschapsbelasting. Het gemiddelde aandeel van inkomsten uit vennootschapsbelasting in de andere 35 OESO-landen bedraagt 7,7%.

“Hoewel de reguliere belastinginkomsten zijn gedaald als gevolg van de pandemie, zien veel OESO-landen nu al herstel”, merkt Daniel Bunn op. “Naarmate het herstel voortduurt, moeten de regeringen een manier vinden om hun inkomsten te verhogen. Ook moeten ze beleidswijzigingen die een economisch herstel in de weg zouden kunnen staan, voorkomen”, vervolgt Brunn.

Hogere belastingwig in Spanje

De sociale zekerheidspremies en de IRPF vertegenwoordigen 39,3% van het salaris van de gemiddelde Spaanse werknemer. De zogeheten belastingwig ligt hiermee 4,7% boven het gemiddelde van de OESO-landen (34,6%). Zo komt het netto salaris, dat de werknemer uiteindelijk ontvangt, neer op 60,7% van de loonkosten.

Volgens gegevens van de OESO is de hogere belastingwig in Spanje te wijten aan de forse werkgeversbijdragen voor de sociale zekerheid. Deze bijdragen vormen namelijk 29,9% van het brutosalaris, volgens gegevens uit 2020. Dit tegenover een OESO-gemiddelde van 16,3%. Spanje is de zevende van de in totaal 37 onderzochte landen met de hoogste werkgeversbijdragen voor de sociale zekerheid. 

Hogere arbeidskosten voor bedrijven

“Een hogere belastingwig ten opzichte van andere landen, zoals in Spanje het geval is, betekent hogere arbeidskosten voor bedrijven. Dit kan negatieve gevolgen hebben voor de Spaanse economie”, verklaren specialisten van het Spaans Instituut voor Economisch Onderzoek (IEE) in het Witboek over belastinghervorming. “Ten eerste kunnen hogere arbeidskosten een verzwakking van het concurrentievermogen van de economie betekenen. Ten tweede kunnen hogere arbeidskosten een negatieve invloed hebben op de creatie van werkgelegenheid door het Spaanse bedrijfsleven”, voegen zij eraan toe.

Hoogste inkomens zwaarst belast

 

Verder ligt het hoogste marginale belastingtarief van de IRPF in Spanje meer dan 10% boven het Europese gemiddelde. De belastingschijf die de hoogste inkomens belast, bedraagt in Spanje 54% tegenover een gemiddelde van 43,4% in naburige Europese landen.

Van de Europese OESO-landen belastten in 2021 Denemarken (55,9%), Frankrijk (55,4%), Oostenrijk (55%) en Spanje de hoogste inkomens het zwaarst. Hongarije (15%), Estonia (20%) en de Tsjechische Republiek (23%) hanteerden de laagste tarieven. Dit blijkt uit recente rapporten van de OESO en de Worldwide Tax Summaries van accountantsbureau PwC.