Volle stuwmeren, kurkdroge bossen: nieuwe kaart moet Spanje helpen bosbranden voor te blijven

door Else BeekmanElse Beekman
volle stuwmeren en droge vegetatie

Het klinkt tegenstrijdig, maar het is precies wat er dit jaar in Spanje gebeurt: de stuwmeren zitten goed vol, en toch staan delen van het land al in brand. Spanje gaat de zomer in met de waterreserves op 74,2 procent van de capaciteit, terwijl er dit jaar al meer dan 50.000 hectare is verbrand. Dat is ruim twee keer zoveel als op hetzelfde moment vorig jaar. De tragedie bij Los Gallardos in Almería is daar het pijnlijkste voorbeeld van. Wetenschappers van onderzoeksinstituut CREAF denken nu een verklaring te hebben voor die schijnbare paradox, en ze hebben er meteen een kaart bij gemaakt.

Na elke brand hoor je hetzelfde: de vegetatie was zo droog. Maar hoe droog eigenlijk? En geldt dat ook voor planten die nog leven, niet alleen voor dood hout en bladeren?

Een team van CREAF, verbonden aan de Universiteit van Barcelona, publiceerde daar onderzoek over in het wetenschappelijke tijdschrift New Phytologist. De onderzoekers keken hoe je de vochtigheid van levende planten kunt meenemen in modellen die het brandgevaar inschatten, iets wat tot nu toe grotendeels ontbrak. Via het platform ForestDrought wordt dat inmiddels dagelijks in kaart gebracht voor bossen op het Iberisch schiereiland en de Balearen, over de afgelopen 365 dagen.

Onderzoeker Rodrigo Balaguer-Romano legt uit waarom dat zo lastig te vangen was: gewone droogte-indexen kijken vooral naar het weer en voorspellen goed hoe droog dood materiaal wordt, zoals takken en bladafval. Maar levende bomen en struiken reguleren hun eigen vochtgehalte, en dat doet niet elke soort hetzelfde. Sommige planten drogen sneller uit dan andere.

Twee Spanjes, allebei te droog

Wat opvalt op de kaart, is dat Spanje deze zomer eigenlijk uit twee delen bestaat. Bioloog en data-onderzoeker Víctor Granda van CREAF spreekt van een drogere mediterrane helft en een vochtigere Atlantische kant. Het verschil tussen die twee wordt alleen maar groter, al drogen beide delen jaar na jaar verder uit.

Dat verklaart meteen waarom vorig jaar juist León en Ourense, van oudsher vochtige streken, werden getroffen door grote branden. Granda relativeert dat meteen: ja, er is meer water dan in het Middellandse Zeegebied, maar dat wil niet zeggen dat de bomen daar veilig zijn. Op dit moment is het juist de vegetatie richting de Middellandse Zeekust die opvalt door zijn droogte.

Vanaf het moment dat de vochtigheid van planten onder de 80 procent zakt, spreken onderzoekers al van “zeer droog” en kan de vegetatie makkelijk vlam vatten.

Bosbrandexpert Helena Ballart van de Fundació Pau Costa, die niet bij het onderzoek betrokken was, wijst nog op een ander verschil: gebieden met vooral fijn brandbaar materiaal, zoals gras en struikgewas, zijn door wind en hitte bijna meteen volledig brandgevaarlijk. Dicht bos met dikkere stammen heeft juist weken tot maanden nodig voordat het zover droog is.

Waarom een natte winter niet automatisch veiligheid betekent

Je zou denken: twee natte winters en voorjaren op rij, dan staat het bos er toch goed voor? Dat klopt maar ten dele, en de andere helft van dat verhaal is tragisch gebleken, zowel in augustus 2025 als deze zomer.

Granda legt uit dat we bij “het bos” al snel aan bomen denken, en die zijn inderdaad vochtiger na een natte winter en een nat begin van het voorjaar. Maar al die regen zorgt ook voor flinke groei van de ondergroei: struiken en gras. En precies dat is het probleem zodra er een hittegolf komt, want dat is het eerste wat uitdroogt. En dat spul is later juist het gevaarlijkste.

Bomen zoals dennen, eiken en kastanjes hebben diepe wortels en sluiten hun huidmondjes bij waterstress, waardoor hun vochtgehalte redelijk stabiel blijft. Struiken als cistusrozen en rozemarijn en gewoon gras zijn daarentegen afhankelijk van water uit de bovenste bodemlagen. Zodra het warm wordt, sterven ze af, aldus Granda. En zodra ze dood zijn, reguleren ze geen vocht meer en worden ze dood brandmateriaal, dat razendsnel uitdroogt. Herstel komt er pas weer als het opnieuw gaat regenen.

Van kaart naar concrete actie

De drie onderzoekers zijn het eens: als je de vochtigheid van levende vegetatie combineert met de bestaande droogte-indexen, krijg je veel nauwkeurigere risicokaarten. Dat zou brandweer en overheden waardevolle, aanvullende informatie geven bij hun preventie- en beheerplannen.

Helemaal compleet is het model nog niet. Er is meer onderzoek nodig naar de diepte en steenachtigheid van de bodem, meer kennis per plantensoort, en betere satellietwaarnemingen. Maar het is een eerste stap richting iets waar Spanje, met een record aantal grote branden dit jaar, dringend behoefte aan heeft: weten niet alleen dát het bos droog is, maar ook precies waar en hoe erg.