Zo pakt Spanje de ontvolking van het platteland aan

door Else BeekmanElse Beekman
Spanje's plan tegen ontvolking gekraakt door de Nationale Rekenkamer

Onbetaalbare woningen, verkeer dat – met name aan de kusten en vooral ‘zomers vastloopt, drukte en een leven losgekoppeld van de natuur. Wie het roer wil omgooien, kan alternatieven vinden in het immense binnenland van Spanje. Bovendien wil de Spaanse regering deze alternatieven promoten en beter toegankelijk maken. Daartoe heeft de regering een nieuwe nationale strategie gepresenteerd om de kloof tussen stad en platteland te verkleinen. Daarbij heeft ze het recht van burgers om op het platteland te blijven wonen wettelijk verankerd.

Dat bevestigd Francesc Boya, secretaris-generaal voor de Demografische Uitdaging, in een opiniestuk op de Spaanse nieuwssite El Mercurio Digital, opgetektend door EfeVerde.

In het kort

  • Spanje voert een nieuwe nationale strategie in om de kloof tussen stad en platteland te verkleinen.
  • Negen op de tien Spanjaarden wonen op slechts 2,6 procent van het grondgebied, met provincies als Soria die nog geen tien inwoners per vierkante kilometer tellen.
  • Het “land van de 30 minuten” moet iedereen binnen een half uur toegang geven tot essentiële diensten zoals zorg, vervoer en geldautomaten.
  • Ook Andalusië, Catalonië, Castilla y León en Galicia hebben eigen plannen om hun dorpen nieuw leven in te blazen.
  • Naast de overheid zetten ook particuliere initiatieven als Fundación Savia en Rewilding Spain zich in voor een levend platteland.

Extreme bevolkingsconcentratie

Volgens Boya woont negen op de tien Spanjaarden op nog geen 2,6 procent van het nationale grondgebied. Provincies als Madrid en Barcelona tellen meer dan 750 inwoners per vierkante kilometer. Aan de andere kant zijn daar dunbevolkte provincies zoals Soria en Teruel. Die komen niet verder dan tien inwoners per vierkante kilometer. Die scheve verdeling vraagt volgens hem om structureel en langdurig beleid dat niet afhankelijk is van welke partij er op een gegeven moment regeert.

Van 130 maatregelen naar een nationale strategie

Spanje voert sinds 2019 een specifiek beleids tegen ontvolking. Dat begon met algemene richtlijnen en mondde uit in een pakket van 130 maatregelen gericht op gemeenten met minder dan 5.000 inwoners. Gekoppeld aan het Spaanse herstelplan en met tien actielijnen ging tussen 2021 en 2024 meer dan 13 miljard euro naar dit beleid. Ongeveer 4 miljard euro van de herstelfondsen hield daarbij bewust rekening met de demografische situatie van kleine gemeenten. Het ministerie voor Ecologische Transitie zette daarnaast ruim 1,2 miljard euro in voor schone energie, energetische renovatie, lokale energiegemeenschappen, bio-economie en drinkwatervoorzieningen op het platteland.

Nu heeft de Spaanse ministerraad de tweede Nationale Strategie voor Territoriale Gelijkheid en de Demografische Uitdaging goedgekeurd. Deze strategie is vooral een coördinerend raamwerk zonder één vastgesteld totaalbudget. Er zit een reeks concrete financieringslijnen aan vast. Zo is er 20 miljoen euro gereserveerd voor duurzame mobiliteit op het platteland. 80 miljoen euro aan steun gaat naar lokale ondernemers en gemeenten en tot 1 miljard euro aan kredietsteun voor de bosbouw-, landbouw- en veeteeltsector.

Ter vergelijking: de eerste strategie uit 2019 mobiliseerde tussen 2021 en 2024 al meer dan 13 miljard euro, grotendeels via het Spaanse herstelplan PRTR. Daarmee is het dus voor een aanzienlijk deel gefinancierd met Europese herstelgelden (NextGenerationEU), aangevuld met nationale middelen. Deze strategie moet, aldus Boya, samenhang brengen in het overheidsbeleid en zowel sociale als economische ongelijkheden tussen regio’s aanpakken.

Het “land van 30 minuten”

Een centraal onderdeel van de nieuwe aanpak is het zogeheten “país de los 30 minutos”. Elke burger en ongeacht waar hij of zij woont, zou binnen een half uur toegang moeten hebben tot essentiële diensten en voorzieningen. Om de voortgang te volgen, komt er ook een nieuw Observatorium voor Territoriale Gelijkheid en de Demografische Uitdaging. Dat moet jaarlijks rapporteren hoe leefbaar of kwetsbaar elk gebied is.

De strategie werd pas eind februari 2026 gepresenteerd, dus concrete resultaten van dit specifieke onderdeel zijn er nog nauwelijks. Wel zijn er inmiddels enkele eerste maatregelen aangekondigd voor de norm van 30 minuten. Geld gaat onder meer naar innovatief openbaar vervoer op het platteland. Verder moeten plattelandsbewoners binnen een straal van een half uur toegang hebben tot geldautomaten en postkantoren.

Concrete, meetbare resultaten van het “land van 30 minuten” zelf moeten dus nog komen. Intussen wijst de regering vooral naar de resultaten van het voorgaande Plan van 130 Maatregelen. Dat zou tussen 2021 en 2024 hebben bijgedragen aan een positieve migratiebalans van 440.000 mensen richting het platteland over zeven jaar en een bevolkingsgroei van meer dan 150.000 inwoners in de kleinste gemeenten.

Boya benadrukt dat de strategie niet alleen ten goede komt aan het platteland, maar ook de druk op de overvolle grote steden moet verlichten.

Regionale samenwerking en lokale innovatie

De nationale overheid werkt in al deze strategieën nauw samen met de Spaanse regio’s. Volgens Boya fungeren die al langer als proeftuinen voor eigen wetgeving en strategieën. Een concreet voorbeeld is het Netwerk van Territoriale Innovatiecentra, dat in 2022 van start ging in de provincies Soria, Cuenca en Teruel — de gebieden met de grootste demografische urgentie. De centra fungeren als lokale ontmoetingsplekken waar ondernemers, gemeenten en maatschappelijke organisaties concrete projecten opzetten.

Zo werd in Jaén een fabricagelab voor digitale productie opgezet dat kleine ondernemers helpt met lokale productie. Het centrum in Teruel hielp bij een generatiewisselingsproject dat bedrijven zonder opvolger koppelt aan jonge ondernemers. De provincie Asturië vormde met steun van het netwerk een oude meisjesschool om tot een energiezuinige berghut die nieuwe werkgelegenheid moet aantrekken.

Ook verdelen de centra concrete lokale subsidies: in Asturië ging bijvoorbeeld ruim 500.000 euro naar drie gemeenten voor vergelijkbare projecten, waaronder een initiatief tegen ongewenste eenzaamheid onder ouderen. Inmiddels doen 26 provincies en eenprovinciale regio’s al actief mee aan dit netwerk voor lokale initiatieven rond mobiliteit, energietransitie en generatiewisseling ondersteunt.

Voorzichtig herstel

Ondanks de uitdagingen ziet Boya ook positieve signalen. Volgens cijfers van het Spaanse statistiekbureau groeit de bevolking op het platteland inmiddels al zeven jaar op rij. Al is die groei niet overal in gelijke mate. In die periode zijn ongeveer 400.000 mensen verhuisd naar het platteland, en veertig procent van de gemeenten met minder dan 5.000 inwoners zag de bevolking toenemen.

Toch blijft het risico op ontvolking volgens hem reëel. Boya wil daarom definitief af van het beeld van een “leeg” of “ten dode opgeschreven” Spanje. In plaats daarvan pleit hij voor een land waarin sterke stedelijke én rurale gemeenschappen naast elkaar bestaan.

Ook regio’s grijpen zelf in

Niet alleen Spanje komt met beleid voor het lege binnenland. Ook verschillende autonome regio’s stelden zelf al plannen tegen ontvolking op. Zo werkt Andalusië aan een strategie die de regio tussen nu en 2050 moet laten groeien van 8,6 naar 10 miljoen inwoners. Concrete doelen daarin zijn een snelweg binnen 30 minuten voor 97 procent van de inwoners en een basisschool binnen 20 minuten reistijd. Van de 785 Andalusische dorpen staan er 480 in meer of mindere mate onder druk, met een kritieke situatie in 78 dorpen, vooral in de Alpujarras in Granada en Almería.

Catalonië koos voor een andere invalshoek: minder bureaucratie. Met een nieuw decreet vereenvoudigt de Catalaanse regering de ruimtelijke ordening voor de 590 gemeenten die als landelijk worden aangemerkt. Hiermee wordt het makkelijker om boerderijen en oude panden te renoveren.

Ook Castilla y León, een van de dunstbevolkte regio’s van de Europese Unie, voert al langer een eigen aanpak. De regio trekt jaarlijks geld uit voor honderden projecten met een directe demografische impact. In 2026 gaat het om ruim 2,8 miljard euro voor meer dan 700 projecten. Belastingvoordelen voor het platteland, een terugkeerprogramma voor voormalige inwoners en een plan voor 5.000 nieuwe sociale woningen moeten de recente bevolkingsgroei van ruim 47.000 inwoners vasthouden. De regio is bovendien door de OESO en de Europese Commissie gekozen als pilotregio om talent vast te houden in krimpgebieden wat beroepsbevolking betreft.

In Galicia, de provincie met de meeste kleine gemeenten van Spanje, ligt de nadruk vooral op woningen.Daarom lopen  er subsidies tot 30.000 euro voor de renovatie van woningen in de 203 gemeenten met minder dan 5.000 inwoners, aanvullend op fiscale voordelen die al sinds 2019 bestaan. Toch blijft de bevolkingsdaling daar hardnekkig. Volgens het Galicische statistiekbureau telt meer dan de helft van de circa 30.000 Galicische woonkernen minder dan tien inwoners.

Particuliere initiatieven

Naast de overheid zijn er ook particuliere organisaties die zich hardmaken voor een levend platteland. Fundación Savia, een Spaanse non-profitstichting die al sinds 2014 actief is, wil de waarde van het landelijk gebied onder de aandacht brengen. De stichting steunt duurzame landbouw en veeteelt, natuurbehoud en de culturele identiteit van plattelandsgemeenschappen. Ook organiseert deze onder meer bijeenkomsten en een internationale poëziewedstrijd rond het platteland om er meer zichtbaarheid aan te geven.

Rewilding Spain kiest voor een andere aanpak: natuurherstel als motor voor plattelandsontwikkeling. De organisatie is actief in onder meer de Iberische hooglanden, een uitgestrekt en dunbevolkt gebergtegebied in de provincies Guadalajara, Cuenca en Teruel. Daar spelen ontvolking en landverlating al sinds de jaren zestig. Door dieren als Przewalski-paarden en bizons terug te brengen en de natuur meer ruimte te geven, wil de organisatie nieuwe economische kansen creëren. Hierbij staan natuurtoerisme en natuuronderwijs hoog op de prioriteitenlijst. De streek moet zo weer een aantrekkelijke plek worden om te wonen en werken.

Dat particuliere initiatieven als deze zich naast de overheidsplannen inzetten voor het platteland, onderstreept hoezeer het draagvlak voor het herstel van het Spaanse platteland inmiddels breder gedragen wordt dan alleen door de politiek.

Kritiek Spaanse rekenkamer

Alle plannen en eerste initiatieven die daaruit voortvloeien klinken goed. Alleen is een goede en efficiënte uitvoering daarvan cruciaal. Een instantie die over het laatste zijn twijfels heeft geuit is de Spaanse Rekenkamer. Die noemde eind vorig jaar het opgestelde plan van de regering op meerdere fronten zeer gebrekkig. Onderzoekers twijfelden sterk over de effecten van het plan. In een rapport toont de instantie aan dat de uitvoering hapert en het geld niet altijd op de juiste plekken terechtkomt. Het totale bedrag kreeg het etiket ‘overdreven’ en is volgens de Rekenkamer slecht onderbouwd.

Slechts een derde van het totaalbedrag zou gericht zijn op gebieden met een sterke bevolkingskrimp. De rest betreft bredere maatregelen waarvan het effect op het platteland beperkt is, of zelfs niet aantoonbaar.