De twee belangrijkste gedoogpartners van de Spaanse regering hebben er genoeg van. Toch doet niemand de stap die een einde maakt aan de regeerperiode. Hoe zit dat?
In het kort
- PNV en Junts willen dat Sánchez vervroegde verkiezingen uitschrijft.
- Aanleiding is een reeks corruptieonderzoeken rond prominente PSOE-figuren.
- Toch steunen ze geen parlementaire motie om Sánchez weg te sturen — Vox speelt daarin een rol.
- Sánchez weigert en houdt vast aan zijn mandaat tot 2027.
- Spanje zit vast: de gedoogpartners willen weg, maar niemand trekt de stekker eruit.
De problemen stapelen zich al maanden op voor premier Pedro Sánchez. Corruptieonderzoeken rond prominente figuren binnen zijn partij PSOE beschadigen het imago van de premier en zetten zijn parlementaire bondgenoten onder druk. Toch blijft zijn regering overeind.
Zowel de Baskische nationalisten van de PNV als de Catalaanse onafhankelijkheidspartij Junts vinden dat de huidige regeerperiode haar einde nadert. Maar actief ingrijpen willen ze niet. Dat is de paradox die de Spaanse politiek steeds verder verlamt.
Waarom het vertrouwen afbrokkelt
De spanningen draaien om een reeks gerechtelijke onderzoeken rond voormalige vertrouwelingen van Sánchez.
De Koldo-zaak blijft de regering achtervolgen
Centraal staat de zogeheten Koldo-zaak, een corruptieonderzoek naar overheidsopdrachten voor mondkapjes tijdens de coronapandemie. Onder de verdachten bevinden zich oud-minister José Luis Ábalos, jarenlang een van de vertrouwelingen van Sánchez, en diens voormalige adviseur Koldo García.
Later kwam ook Santos Cerdán in beeld, tot voor kort een partijsecretaris van de PSOE en de man die namens Sánchez onderhandelde met Junts. Zijn aftreden betekende opnieuw een zware klap voor de regering.
Nieuwe dossiers vergroten de druk
Alsof dat nog niet genoeg was, kwam vorige week ook voormalig premier José Luis Rodríguez Zapatero in opspraak vanwege zijn vermeende betrokkenheid bij de omstreden staatsredding van luchtvaartmaatschappij Plus Ultra. Zapatero ontkent iedere betrokkenheid, maar de zaak vergroot de druk op een PSOE die al maanden in het defensief zit.
Daar bleef het niet bij. Ook onderzoeken naar de zakelijke activiteiten van Sánchez’ vrouw Begoña Gómez en zijn broer David Sánchez blijven de politieke agenda domineren. Hoewel de premier zelf nergens van wordt beschuldigd, versterken de opeenvolgende affaires het beeld van een regering die voortdurend onder druk staat.
Juist dat zorgt voor groeiende nervositeit bij de partijen die Sánchez aan een meerderheid helpen. Zowel PNV als Junts vindt dat de regering steeds meer energie kwijt is aan politieke overleving in plaats van aan besturen.
Junts en PNV: de steun is op
Beide partijen laten steeds duidelijker merken dat hun vertrouwen in Sánchez vrijwel verdwenen is.
Junts-woordvoerster Míriam Nogueras verklaarde al vorig jaar dat de steun aan de regering feitelijk voorbij is. Vrijdag herhaalde ze die boodschap opnieuw. Volgens haar heeft Sánchez na eerdere beloften nauwelijks stappen gezet om het vertrouwen te herstellen.
Ook bij de PNV klinkt dezelfde analyse. Partijleider Aitor Esteban en voormalig Baskisch regeringsleider Iñigo Urkullu spreken openlijk over een regeerperiode die haar politieke houdbaarheidsdatum heeft bereikt.
Volgens PNV-woordvoerster Maribel Vaquero ontbreekt het de regering aan slagkracht. Er is geen nieuwe begroting, belangrijke wetgeving loopt vast en de politieke aandacht gaat vooral uit naar juridische dossiers rond de omgeving van de premier.
De conclusie van beide partijen is opvallend eensgezind: Spanje heeft uiteindelijk nieuwe verkiezingen nodig.
Waarom niemand Sánchez laat vallen
Daarmee lijkt de oplossing eenvoudig. Toch trekt niemand de stekker uit de huidige regering.
PNV en Junts willen wel verkiezingen, maar weigeren een motie van wantrouwen van de conservatieve Partido Popular te steunen. De reden is Vox.
De rode lijn heet Vox
De radicaal-rechtse partij speelt een belangrijke rol binnen het oppositieblok van PP-leider Alberto Núñez Feijóo. Voor zowel de Baskische als de Catalaanse nationalisten vormt samenwerking met Vox echter een absolute rode lijn, omdat de partij bekend staat om haar verzet tegen regionale autonomie en nationalistische bewegingen.
Junts heeft bovendien slechts zeven zetels en kan zelf geen motie van wantrouwen indienen.
Hun boodschap is daarom helder: als de regeerperiode moet eindigen, dan moet Sánchez zelf verkiezingen uitschrijven.
De moeilijke positie van de PNV
Voor de PNV spelen daarnaast eigen belangen mee.
In Baskenland bestuurt de partij samen met de socialisten op verschillende niveaus. Een breuk met Sánchez in Madrid kan ook gevolgen hebben voor die samenwerking.
Tegelijkertijd voelt de partij de druk van de linksgeoriënteerde concurrent EH Bildu, die steeds sterker wordt in de regio. De PNV wil voorkomen dat zij wordt gezien als bondgenoot van een rechts blok waarin Vox een belangrijke rol speelt.
Ook de verkiezingskalender speelt mee. De PNV vreest dat Sánchez de nationale verkiezingen van 2027 laat samenvallen met lokale verkiezingen. Daardoor zouden regionale thema’s overschaduwd kunnen worden door de landelijke politieke strijd.
Sánchez blijft voorlopig zitten
Premier Sánchez zelf geeft vooralsnog geen teken dat hij vervroegde verkiezingen overweegt. Hij houdt vast aan zijn mandaat tot 2027 en zal op 24 juni in het parlement uitleg geven over de politieke situatie.
Juist dat late moment zorgt voor irritatie bij PNV en Junts. Beide partijen vinden dat de politieke crisis al weken voortduurt en dat de premier sneller verantwoording moet afleggen over de aanhoudende affaires rond zijn partij en directe omgeving.
Ook de PP twijfelt of een motie van wantrouwen zonder steun van PNV en Junts zin heeft. De kans op succes is minimaal en een mislukte poging kan de oppositie juist verzwakken.
Daardoor zit Spanje gevangen in een politieke patstelling: twee van de belangrijkste steunpartners willen verkiezingen, de oppositie heeft onvoldoende stemmen en Sánchez zelf weigert te vertrekken.